Over schermen praten

Wat is schermen?

Schermen is een sierlijke, snelle en tactische gevechtssport waarbij lichamelijke kracht niet voorop staat. De bedoeling is de tegenstander te treffen zonder zelf getroffen te worden. Dit vereist naast fysieke en technische kwaliteiten ook concentratie, inzicht en reactievermogen. De kunst is om het wapen zo te beheersen dat met kleine snelle bewegingen treffers kunnen worden gemaakt.

Schermen is een…

Individuele sport

Dit t.o.v. groepssporten zoals volleybal of voetbal. Een schermer staat in essentie alleen op piste in de confrontatie met de tegenstander.
Competitieve sport

Het competitieve element is intrinsiek: je meet je aan een tegenstander. Wat niet wegneemt dat het een sport is die op recreatief en competitief niveau beoefend kan worden.
Gevechtsport

Twee schermers vechten het uit. Net als judo is het schermen eerder een verdedigingssport, en is het zeker geen risicogevechtsport.
Technische sport

Er komt heel wat techniek en heel wat technische termen kijken bij het schermen. Hoewel schermen wel enige fysieke inspanning vereist gaat een schermer weinig fysiek trainen tijdens het schermen zelf: een goede opwarming met bijkomende fysieke training, of training buiten de schermtraining (zwemmen, lopen, gym…) is dan ook altijd aan te raden.
Complexe sport

Je zal het vaak te horen krijgen: schermen is een complexe sport!
Het begint al wanneer mensen proberen de oorsprong van de moderne schermsport uit te leggen. Er zijn vele artikelen, boeken en films (fictie en non-fictie) voorhanden, die de oorsprong telkens op andere punten leggen: gladiatoren, piraten, het 17de-eeuwse zwaard vechten, bij de Drie Musketiers van Dumas tot de Huzaren met hun gevleugelde cavalerie. Dat is niet anders voor een ieder die onze sport komt binnenrollen: de ene wil Zorro achterna, de andere wil Olympisch kampioen schermen worden. We hebben plaats voor iedereen!
Olympische sport

Het schermen is een Olympische sport, en dus één van de weinige overblijvende oorspronkelijke sporten van de moderne Spelen. Toen dames sabel eind jaren negentig een officieel wedstrijdcircuit kreeg en die dames het dus ook op de OS van 2000 zouden mogen komen uitvechten, zijn er géén medailles toegevoegd voor het schermen. Concreet betekent het dat elke OS een team event bij de mannen en een team event bij de vrouwen niet doorgaat.
Olympische sport zijn heeft een aantal gevolgen; zo is er geen WK senioren in het jaar van de OS. We houden ons uiteraard ook aan het Olympisch charter, maar verschillende van de kernwaarden van het charter zijn eigenlijk sowieso kernwaarden in onze sport: vriendschap, respect, fair-play…
Veilige sport

Schermen is een zeer veilige sport. De moderne standaarden voor kledij en wapens worden constant geëvalueerd door de SEMI-commissie van de FIE (Commission de la Signalisation Électrique, du Matériel et des Installations), die ook de evolutie in de sport zelf probeert te volgen. En evolueren, dat doet de sport onder de constante wisselwerking met de aanpassingen in spelregels en materiaalregels.

 

Wat maakt schermen zo leuk?

We stelden de vraag ‘Wat vind ik leuk aan schermen? Wat is naast het schermen zo leuk aan mijn club?’ aan de aanwezige schermers op de Jeugdhappening 2015.
Lees hun getuigenissen :

Schermen is een spel boordevol bewegingen, technieken, concentratie. Je moet snel en behendig zijn. Het is een heel complexe sport. Je waant je bijna een ridder of musketier. In de club vind je veel vriendschap.
Basil L(Herckenrode)
________________________________________
Je moet er snel en behendig voor zijn. Het is een doordachte sport en …. Ik hou van de Musketiers!
De trainers zijn vriendelijk en behulpzaam.
Lander B (Herckenrode)
________________________________________
Het samenzijn met vrienden en een leuke sport uitoefenen
Julien K (SMG)
________________________________________
Je leeft je helemaal uit!
Lennert
________________________________________
Het is een sport met veel beweging en tactiek. Het stimuleert het mentale en het fysieke.
Lester K (SMG)
________________________________________
Als ik scherm, ben ik pas echt mezelf!
Saartje C (SGK)
________________________________________
De spanning en het gezellig bezig zijn!
Hélène (SMG)
________________________________________
De awsome vrienden en de meest coole uitdagingen!
Hélène D (SMG)
________________________________________
Anoniem:
•    Spanning, fairplay, concentratie, vriendschap
•    De trainers zijn top en vele vele leuke vrienden! (SMG)

nodigdheden van het schermen

Zaal
Schermen is een binnensport. Je hebt een effen terrein nodig, waar geen van de tegenstanders bevoordeelt wordt.
Er wordt geschermd ‘op de piste’. Een piste is een afgebakend terrein (een ‘loper’) tussen 1,5 en 2 meter breed, en 14 meter lang. De schermers vatten het gevecht aan in het midden, aan de stellingslijnen, zo’n 4 meter van elkaar.

Beschermende kledij

  • een schermvest, een ondervest, een handschoen, een schermbroek, een masker met keelkap (bavet)
  • schermkousen (met versteviging)
  • voor de dames nog een borstbescherming
  • schermschoenen of indoor sportschoenen (bij voorkeur met een soepele zool en afgeronde hiel)

De veiligheidsnormen van de kledij wordt weergegeven in Newton (N): een eenheid die, door de verrekening van massa en diens versnelling, uitdrukking geeft aan de kracht van een impact. De richtlijnen zijn dat alle kledij 350N bedraagt voor de categorieën poussin tot en met miniem (ook masker). Vanaf cadet moet dat een 1600N masker en een 800N ondervest zijn, de rest minimum 350N. Maar elke ervaren schermer kan je vertellen dat het verschil tussen 350N en 800N echt te voelen is! De VSB raadt dan ook aan om vanaf cadet (of na de eerst groeischeut, vaak ook al bij miniemen dus) alle kledij 800N te nemen.

Zoals bij elk harnas is het scharnier het zwakste punt. In een schermuitrusting tellen we vier « scharnieren » die toch enige aandacht vergen:

De pols

De handschoen wordt altijd gedragen en moet goed aansluiten op de mouw, zodat een wapen niet langs de mouw naar binnen kan glippen.

 

De ritssluiting

De ritssluiting van zowel vest als broek zit aan de andere zijde dan de gewapende hand, weggekeerd van de tegenstander. Dit is uiteraard om te voorkomen dat een wapenpunt via de ritssluiting naar binnen kan glippen. Linkshandigen kunnen dus niet zomaar een vest of broek lenen van een schermvriendje!

De oksel

De naden in de oksel van de wapenhand worden gestresseerd door de bewegingen van de arm. Omdat via de oksel ook snel heel wat cruciale inwendige delen van een mens bereikbaar zijn werd de ondervest verplicht toegevoegd. Goede praktijken vragen dan ook dat die ondervest altijd gedragen wordt, ook op training!

De lenden

De vest moet de brede rand van de broek bedekken, ook als de schermer in beweging is. Opgelet dus bij de groeispurt!

Traditioneel is de kleur van de uitrusting wit; dit komt omdat er roet of gekleurd krijt werd gebruikt om treffers zichtbaar te maken voordat de elektronische trefferaanduiding uitgevonden. Recent zijn de FIE-regels wat versoepeld zodat ook kleuren worden toegelaten. Zwart is de traditionele kleur voor schermmeesters, en dus niet toegestaan voor schermers.

longueur des armes
Wapens
Er wordt op 3 wapens geschermd:

 

 

 

Floret

De floret is een licht en buigzaam steekwapen. De enige geldige manier om de tegenstander te raken is met de punt.
Bij wedstrijdschermen is dat een elektro-punt: een indrukbare punt met een veertje binnenin, die een bepaalde hoeveelheid druk (500g) nodig heeft om contact te maken. Enkel de romp (zoals een ‘maillot’) van de tegenstander is geldig als raakvlak. Bij het raken van armen, benen of hoofd, wordt de treffer « ongeldig » verklaard. Floret is een conventiewapen, dit wil zeggen dat de scheidsrechter het punt toekent volgens ‘de conventies’. Als beide schermers gelijktijdig treffen kunnen ze nooit allebei een punt scoren.

Degen

De degen is een relatief stijf steekwapen. De enige geldige manier om de tegenstander te raken is met de punt.
Bij wedstrijdschermen is dat een elektro-punt: een indrukbare punt met een veertje binnenin, die een bepaalde hoeveelheid druk (750g) nodig heeft om contact te maken. Het volledige lichaam is geldig tref vlak, en er zijn geen conventies voor het toekennen van een punt. Dit wil zeggen als beide schermers gelijktijdig raken, ze allebei een punt hebben gescoord.

 Sabel

De sabel is een slag- en steekwapen. Treffers kunnen toegebracht worden met de punt, de snijkant, de tegensnijkant en de platte kanten van het wapen.
Sabel heeft geen elektro-punt; er kan met het volledige lemmer geraakt worden. Alles boven de gordel is tref vlak, inclusief hoofd en armen, exclusief de handen. Sabel is een conventiewapen, dit wil zeggen dat de scheidsrechter het punt toekent volgens ‘de conventies’. Als beide schermers gelijktijdig treffen kunnen ze nooit allebei een punt scoren.

Een wapenlemmer komt in 6 maten, van 0 tot 5. De 5 is het ‘volwassen’ lemmer. Per nummer trek je ongeveer een inch af om de lengte te berekenen. In België gebruiken we doorgaans een 0 voor poussins, een 2 voor pupil en (soms) miniem, en een 5 voor alle oudere categorieën.

Een wapenlemmer komt in 6 maten, van 0 tot 5. De 5 is het ‘volwassen’ lemmer. Per nummer trek je ongeveer een inch af om de lengte te berekenen. In België gebruiken we doorgaans een 0 voor poussins, een 2 voor pupil en (soms) miniem, en een 5 voor alle oudere categorieën.

Reglement en bij floret en sabel, kennis van de conventies
Het reglement voor het schermen, het materiaal en de organisatie, vind je HIER.
De conventies gelden bij floret en sabel, en dienen om een treffer te kunnen toekennen.

De voorrang (recht van aanval)

Het voorrangsprincipe bij floret en sabel houdt in dat de eerste persoon die een goed uitgevoerde aanval inzet voorrang heeft. Eenvoudig uitgedrukt: als je wordt aangevallen, moet je je eerst verdedigen alvorens een tegenaanval in te zetten. Een aanval kan mislukken door pech, een slechte inschatting of door een actie van de tegenstander.

Het verhaal ( phrase d’armes)

Een aanval kan tekort vallen door de afstand mis in te schatten of als de verdediger de afstand voldoende weet te vergroten op het cruciale moment. Gebeurt dat niet, dan kan de aanval ook afgeweerd worden met het wapen (parade). Hierdoor krijgt de verdediger de kans om onmiddellijk zijn tegenstander van antwoord te dienen (riposte). Als de eerste parade niet effectief is (slechte parade), als de riposte mist, of als de verdediger aarzelt vooraleer te riposteren, kan de aanvaller verder aanvallen (remise of herneming).

Het is mogelijk dat voor beide schermers gelijktijdig een treffer wordt aangeduid op de elektronische trefferaanduiding, wanneer ze elkaar raken binnen een zeer korte tijdsspanne. Bij degen krijgen beide schermers dan een punt. Op floret en sabel overheerst de conventie: de scheidsrechter moet uitmaken of beide de aanval gelijktijdig ingezet hebben (simultané), waardoor er geen punt wordt toegekend, of dat één van de schermers toch de voorrang had in de actie, en dus het punt krijgt.
Het hele heen en weer van aanval, parade, riposte enzovoort, wordt de phrase d’armes genoemd. De scheidsrechter gebruikt handgebaren om dit ‘verhaal’ zichtbaar te maken voor de schermers en het publiek:


Laisser un commentaire

Votre adresse de messagerie ne sera pas publiée. Les champs obligatoires sont indiqués avec *